| Qanun | Turkse, getokkelde plankciter, die als de voorvader van de meeste Europese plankciters wordt gezien |
| Qaraqish | cimbalen gebruikt in de Gnawa-muziek uit Marokko |
| Qasbah | Noord-Afrikaanse fluit |
| Qashshawa | houten vaastrommel uit Iraq |
| Qawal | ronde, houten lijsttrommel uit Azerbeidzjan, met een diameter van 38 cm. en bespannen met een vissenhuid |
| Qena | houten of benen fluit met 5 vingergaten van de Inca. De qena bestaat al zo’n 4500 jaar en wordt nog altijd gebruikt in Colombia, Ecuador, Peru en Bolivia. Zie ook kena |
| Qeychak | 4-snarige vedel uit Baluchistan, met 6 tot 8 resonantie-snaren, ook wel sorud of sarinda genoemd |
| Qin | lange Chinese plankciter zonder kammen en met 7 zijden snaren in de stemming C-D-F-G-A-C-D. De plaats waar de snaren moeten worden afgestopt zijn aangegeven met ingelegde ivoren schijfjes op het klankbord. De linkerhand wordt gebruikt om de snaren af te stoppen, de rechter om te tokkelen. De qin is een van de oudste instrumenten uit de Chinese klassieke muziek en stamt uit ca.1000 BC. De laatste jaren neemt de belangstelling voor de qin weer sterk toe |
| Qitra | Tunesische luit |
| Qraqeb | metalen castagnetten uit Marokko |
| Quatro | kleine, 4-snarige gitaar uit Latijns-Amerika, welke meer weg heeft van een grote ukelele. De quatro stamt al uit de 12de eeuw en deze voorloper van de gitaar werd door de Spanjaarden in de 16de eeuw in Latijns-Amerika geintroduceerd |
| Queixada | ongewoon Braziliaans instrument, in wezen niets anders dan een ezelskaak, die als klepper wordt gebruikt |
| Quena | korte, rechte fluit van de Inca en tegenwoordig nog in gebruik in Peru, Bolivia, Ecuador en Colombia. Zie kena en qena |
| Quica | Braziliaanse wrijftrom, waarmee men geluiden van wilde dieren kan nabootsen |
| Quinto | hoog gestemde, Cubaanse conga |
| Qulkobuz | 2-snarige vedel uit Kazakstan |